vrijdag 24 juni 2016

Adieu du tausendmal Geliebte [2011]


Dit handschrift kunt u niet lezen, tenzij u een van het handjevol Nederlandstaligen bent die de Duitse Kurrentschrift machtig zijn. Toch vonden diverse kranten en het halve internet dat u voor dit document en nog zo’n 1769 andere brieven van Johann Wolfgang von Goethe (1749-1832) aan Charlotte von Stein (1742-1827) in stille momenten rond Kerst en Nieuwjaar maar eens lekker moest gaan zitten en genietend bladeren in deze ‘monumenten van liefdesproza’. Op 20 december 2010 karakteriseerde NRC Handelsblad de brieven van de bekendste Duitse schrijver aan zijn zeven jaar oudere vriendin aldus.

Het artikel in NRC Handelsblad staat daar op de Achterpagina – naast een strip van Kamagurka – en het is geschreven door ‘een onzer redacteuren’. Hij vertelt over de platonische relatie – zo gaat het verhaal, nudge nudge, wink wink – tussen Goethe en de getrouwde Von Stein, een relatie die dus in elk geval 1770 brieven van Goethe opleverde. De brieven van Goethe, dat is de aanleiding voor het artikel, zijn sinds kort online te bekijken. De naamloze redacteur citeert ook uit een brief, en wel van 17 juni 1748. Omdat Goethe wel geniaal was maar niet zo geniaal dat hij al ruim vóór zijn conceptie brieven schreef, veronderstel ik dat dat 17 juni 1784 moet zijn. Laten we die brief eens gaan bekijken. Op het eind van het NRC-artikel staat een url: http://ora-web.swkk.de/swk-db/goerep/index.html.
We komen terecht op een site van de Klassik Stiftung Weimar, die onder andere de archieven van Goethe en diens kompaan Friedrich von Schiller beheert. We zien nog niet de beloofde brieven van Goethe aan Von Stein, maar wel een repertorium van alle brieven van Goethe. We moeten eerst naar de lijst met geadresseerden, daar naar de S en dan weer naar de St, en dan zijn we bij de achternamen die met St beginnen, dus ook bij Charlotte von Stein. Dat wil zeggen: we zijn bij de 1770 afzonderlijke links naar Goethe’s brieven aan Charlotte. En wat zit er achter zo’n link? Laten we de brief van 17 juni 1784 nemen. We zien ten eerste dit:
Dat is een mooie bibliografische beschrijving van een brief met alle gegevens die een onderzoeker nodig heeft: geadresseerde, datering, incipit (het begin dus), standplaats, signatuur, gedrukte versies, etc. Daarna zien we vijf thumbnails: links naar de vijf gescande bladzijden van het originele document in Goethe’s handschrift. Dat is het, meer wordt er niet geboden. Geen transcriptie, geen verdere uitleg.
Dit had het moment moeten zijn waarop de naamloze NRC-redacteur zich had moeten afvragen of dit bericht wel enig belang heeft voor het algemene publiek. Maar hij gaat door, bijvoorbeeld met het – ‘vrij vertaald’ – citeren uit de brief van 17 juni 1784:

Ik dineer niet aan het hof, ik zie weinig mensen, ik maak mijn wandelingen alleen, en bij ieder mooi plekje wenste ik dat je hier was. Ik kan er niets aan doen dat ik je meer liefheb dan goed voor me is; ik zal zo gelukkig zijn als je weerzie. Ik ben me altijd bewust van mijn nabijheid bij jou, jouw aanwezigheid verlaat me nooit.
Waaruit citeert de naamloze redacteur eigenlijk? Op de website van de Klassik Stiftung Weimar staat geen transcriptie. Kan hij het Duitse handschrift lezen? Lijkt me sterk. Er zijn in Nederland, zoals gezegd, nog maar een paar mensen die dat kunnen, en als de naamloze redacteur er een van is kan hij zijn naam beter in de krant zetten, want dan kun je met dat talent eventueel nog geld verdienen ook. Ik gok dat de naamloze redacteur – als hij zijn naam had genoemd was mijn stukje ook wat korter geworden – bij gebrek aan citeer- en vertaalbare tekst op http://ora-web.swkk.de/swk-db/goerep/index.html elders op het internet is gaan zoeken en bij een Engelse tekst uitkwam:

I don’t dine at Court, I see few people, and take my walks alone, and at every beautiful spot I wish you were there. I can’t help loving you more than is good for me; I shall feel all the happier when I see you again.

I am always conscious of my nearness to you, your presence never leaves me.

Dit citaat staat – onder andere – op een site met ‘famous love letters’. De naamloze NRC-redacteur vertaalde deze Engelse tekst en niet de Duitse – vandaar dat ‘vrij vertaald’. De woorden ‘bewust’ en ‘conscious’ in de laatste zin verraden hem, want zo’n woord staat niet in de Duitse tekst. Die Duitse tekst is eveneens op het internet te vinden, hier bijvoorbeeld, waar 13.500 brieven van Goethe staan:

Ich esse nicht bey Hofe, sehe wenig Menschen, gehe allein spazieren und an iedem schönen Plaz wünsche ich mit dir zu seyn. Ich kann mir nun nicht helfen daß ich dich lieber habe als mir gut ist desto besser wird mir seyn wenn ich dich wiedersehe.

Meine Nähe zu dir fühl ich immer, deine Gegenwart verläßt mich nie.
We hebben hier te maken met journalistieke bladvulling. Dat is op zich niet erg, want de ruimte tussen de advertenties in de krant moet gevuld worden. Maar we hebben ook te maken met een journalist die in een persbericht tuint dat meer belooft dan het kan waarmaken. Het kan de Klassik Stiftung Weimar niet kwalijk worden genomen dat ze zo’n persbericht de wereld in stuurt. De stichting heeft, met belastinggeld ongetwijfeld, een belangrijk project afgerond: het scannen en online zetten van 1770 brieven van Goethe. Dat willen en moeten ze aan de buitenwereld melden in het kader van de ‘valorisatie’ van hun werkzaamheden. Maar het is een project voor een klein publiek: mensen die zich op wetenschappelijk niveau met Goethe bezighouden én die het Kurrentschrift beheersen, en dat is een soort die zeldzamer is dan de Lanthanotus borneensis. Het potentiële publiek had met een beetje meer inspanning uitgebreid kunnen worden door bijvoorbeeld de transcripties op www.zeno.org (die naar de wetenschappelijke uitgaven gemaakt zijn) met de facsimiles te linken. 

Dit artikel werd eerder, op 4 januari 2011, gepubliceerd op www.textualscholarship.nl en hier licht redactioneel gewijzigd.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Opmerking: Alleen leden van deze blog kunnen een reactie posten.